Angeli schrijft


3 reacties

Over kabouters en oude muziek

Met enige regelmaat zie ik op facebook een plaatje voorbij komen. Een plaatje van ouderwetse rolschaatsen, opklapbare platenspelers, een walkman met het eeuwig vastlopende cassettebandje of Dolly Dots-haar en dan wordt mij vriendelijk verzocht op ‘like’ te klikken als ik het herken. Bij een hoop fotootjes krijg ik spontaan een brok in mijn keel van ellende of tranen in mijn groene ogen van sentiment. Neem nou die platenspeler…

Mijn eerste platenspeler was een oranje opklapexemplaar en het bijbehorende single’tje was van The Rubettes: een stuk of wat verwijfde kerels met geföhnd haar, te grote baretten van ribstof en synthetische high waist broeken. Maar o, wat was ik blij met mijn oranje muziekdoos en helemaal als mijn vader single’tjes op hogere toeren draaide en mij wijsmaakte dat een groepje schattige kleine muisjes de studio in waren gedoken voor een stuk of wat opnames van hun zelfgeschreven popnummers. En ik? Ik geloofde alles, woord voor woord, want dat kon mijn vader goed: overtuigen. Daar zat ik dan, uren lang te luisteren naar een stel zingende knaagdieren aan onze ronde witte eettafel met grasgroene kuipstoelen. Dat het eigenlijk De Beatles waren waren met een tuheinorbo-versie van Hey Jude had ik echt niet door. En ik had ook niet door dat mijn opa datzelfde later deed met ‘Ja, ja, zo blau, blau, blau blüht der Enzian’ von Heino der Albino en misschien maar goed ook. Voor het behoud van mijn platenspeler dan, want ik vrees dat als ik dat begrepen had, ik de platenspeler linea recta het raam uit zou hebben gedonderd.
Mijn vader luisterde veel naar muziek, en daar ben ik hem nog steeds dankbaar voor, want muziek ontroerd en maakt emoties los en dat is mooi.

Hij was trouwens ook een kei in zelfverzonnen verhaaltjes vertellen  voor het slapen gaan, mooie praatjes die je ernaar deden verlangen dat alles wat hij ons wijsmaakte ook daadwerkelijk stond te gebeuren, maar waarvan je eigenlijk toen al het vage vermoeden had dat je het nooit zou meemaken. Mijn vader kon avonden lang bij ons op bed zitten en de meest fantastische verhalen vertellen en mijn broer en ik hingen aan zijn lippen. Niet zelden ging het verhaaltje over dieren of kabouters en was het zo zielig dat ik moest huilen, maar mijn vader kon altijd wel weer een positieve draai aan het geheel geven zodat zijn kleine meisje alsnog met een lach op haar snoet in slaap kon vallen.
Het zal jullie dan ook niet verbazen dat mijn grootste wens als klein meisje een kabouter was. Maar dan wel een echt van zo’n 30 cm groot, die kon praten en op mijn kamer in mijn poppenbedje kon slapen. Zo een die je mee naar school kon nemen en die dan gezellig op de hoek van mijn lessenaartje ging zitten en af en toe stiekem een propje schoot naar Jack, want dat was mijn grote held in klas 1 tot en met 6…

We woonden midden in de stad en ook al hadden mijn ouders het echt niet breed, bij ons kon veel. We hadden altijd vriendjes en vriendinnetjes over de vloer die regelmatig mee aten want mijn vader was gek op koken en toverde in de weekenden de meest geweldige fantasiegerechten op tafel. Zelfs buurjongen Geert Wilders zat regelmatig bij ons aan de dis met zijn weelderige bos krullen en o wat vond ik hem vroeger woest aantrekkelijk. Helaas is hij iets anders opgedroogd dan verwacht en hebben de woeste krullen plaats gemaakt voor een geblondeerde bos geitenhaar.

Mijn vader had ooit een echte bar in de woonkamer gemetseld met bijpassend retro-behangetje,  waarachter ik met vriendinnen kroegtijger speelde (ja, toen al). Met de rode pumps van mijn moeder aan mijn voeten en het bontje van mijn oma om de nek, al limonade shakend, waande ik me een echte barpoes. ‘Een hele geile goeiemiddaaaag’ zat toen nog niet in mijn vocabulaire, maar anders had ik het zeker nagespeeld. O die jeugd van mij, wat heb ik genoten van die onbezorgde kindertijd.

Je snapt het al, ik kan nog wel uren doorgaan zo. Ik heb het nog niet eens gehad over mijn puberteit wbowieaarin ik met lokken vol suikerwater, die afbraken bij een flinke windhoos, en Gasoline van Bowie op mijn walkman mijn New Wave-periode probeerde door te ploeteren. Of mijn aanwezigheid bij de Ban-de-bom demonstraties in Amsterdam, waar we eigenlijk vooral heengingen om na afloop de échte western puntlaarzen te scoren bij Dr. Adams.. Maar dat doe ik jullie niet aan. Althans, niet nu. 🙂

Vervelen jullie je met mijn geblaat over vroeger? Eigen schuld. Je hebt er niks aan, zo’n trip down memory-lane, maar dan moeten jullie maar niet allemaal van die ouderwetse plaatjes op Faceboek plempen. Dat heeft deze uitwerking op mij.
Mijn vader is inmiddels alweer 7 jaar dood en met de bom gaat het ook de goede kant op. En puntlaarzen? Die heb ik nog steeds in de kast staan. For old times sake…