Angeli schrijft


4 reacties

och·tend·hu·meur

och·tend·hu·meur (het; o; meervoud: ochtendhumeuren)
betekenis: slecht humeur in de morgenuren

Daar heeft nou werkelijk NIEMAND bij ons in huis last van. *Proest*
Alleen de vrouwelijke bewoners, zijnde Daantje ons dikke poezenbeest en ik stralen ’s ochtends van opgeruimdheid, maar de mannen daarentegen… breek me de bek niet open.

Onze ochtenden glijden geluidloos voorbij. Pas als de eerste bak koffie genuttigd is, is er enige humeurconversatie mogelijk en die moet dan ook nog functioneel zijn, want op gezellige chit-chat zitten mijn mannen niet te wachten. Niet dat ik ook maar enige reactie zou kunnen verwachten want er zijn belangrijkere dingen te verrichten dan luisteren naar mijn ochtendgeblaat. Er is namelijk opperste concentratie vereist voor het in recordtijd nalezen van alle nachtelijke Whatsapp-perikelen. En als ik dan per ongeluk een zin uitbraak waarin je ook maar enigszins  een spoortje van kritiek of onbehagen  zou kunnen ontwaren dan breekt de hel los bij deze of gene. Dat leidt tot stemverheffingen waar Daantje en ik wijselijk niet op reageren. Ja de ochtenden in Huize van der Elst zijn een feest. Alleen de fanfare ontbreekt er nog aan.

Maar ze kunnen er niets aan doen, die mannen van me. Een ochtendhumeur is niets anders dan moeten reageren terwijl je biologische klok nog op het verkeerde tijdstip staat. En die klok kan behoorlijk van slag zijn als je de hele dag keihard hebt gewerkt en vervolgens nog eens uren thuis aan het schilderen, plamuren, slopen en bouwen slaat, vervolgens slecht slaapt en ook nog eens dromen hebt over de laxeerpasta van de poes. Dat alles bij elkaar, ja dan kan ik me voorstellen dat je ’s ochtends niet met je meest feestelijke smoel keihard ‘Can you feel the brand new day’ staat te blèren in je denkbeeldige microfoon.

Dus ik hou vanaf nu wijselijk mijn mond ‘s morgens en begin de dag in stilte en probeer ervoor te zorgen dat de routine in de vroege uurtjes niet in de knel komt. Een douche die niet vrij is, muesli willen eten terwijl er brood uit de vriezer is gehaald, een vaatwasser die niet leeg is, een fiets die niet buiten klaar staat, verkeerde fruitrepen gekocht hebben… ze trekken het niet, die mannen van me. Wat een mazzel dat ik zo fantastisch kan multitasken, zélfs ’s morgens vroeg. Ik zou nog íets meer mijn mond moeten houden en niet recalcitrant één of andere puntje van kritiek aan moeten boren ’s morgens, maar verder gaat het me best goed af, dat anticiperen.

dakkapelMaar ik mag niet klagen. Ik heb toevallig wel de leukste mannen van ons pittoreske dorp. Rik is de handigste sodemieter die ik ken; ik vraag, hij kijkt ernaar en doet het, maakt het of repareert het. Multi-inzetbaar, zeg maar.  Mijn voorgevel ziet er weer bijzonder strak uit na een uitgebreide renovatie door manlief. En Wessel  is toevallig wel de liefste en meest humoristische vent (blègh, ik klink als de moeder van Honey BooBoo) die godzijdank eindelijk doorheeft dat je echt niet gelijk bij een scheidingsconsulent zit als je een keer een woordenwisseling hebt.  Want die ochtenden verlopen bij ons nou eenmaal niet altijd vlekkeloos. So be it.

Ach ja, ik ben zelf ook niet de makkelijkste, bij tijd en wijle redelijk recalcitrant , af en toe eigenwijs en soms ook een echt wijf (bloed onder de nagels enzo…). Ik heb het graag opgeruimd en als je even niet oplet trek ik de spullen onder je kont vandaan om ze op te bergen. Het drijft mijn mannen soms tot waanzin. Ik snap dat wel.

Laten we het er maar op houden dat we een levendige bende hebben bij elkaar. Dat we het gelukkig nog steeds heel gezellig hebben samen. Maar wel pas vanaf een uur of 10.00….


2 reacties

Grand Theft 5 (of zoiets…)

Ik snap iets niet. 2 weken geleden kwam een nieuw Grand Theft-spel (of iets van die strekking) uit, en het hele puberse kippenhok is compleet van de leg. Al weken van tevoren begint het gezeik: “Mam, ik móet alvast pre-orderen want anders moet ik na de release nog wéken wachten”. Joh…. dus? Vervolgens wordt er op de Grote Dag met de nodige flair door zoonlief 60 euro op de toonbank van de plaatselijke Bart Smit gedonderd en ‘the game is on!’ Gemoedelijk online met je klasgenoten (ook de meiden!) een beetje car-jacken, bestuurders vooGTAr hun kersenpit schieten, vrouwen molesteren en zelf bloedend neerklappen op het asfalt als je je Corvette tegen een brug parkeert. Zeg nou zelf, hoe leuk is dat wel niet?

Nou dat dus. Dat snap ik dus niet. Het is stom en ze steken er ook nog eens geen ene flikker van op. Ik heb die gaming skills ook niet, dus dan is het al helemáál ruk. En ik ben te dom om dat soort spellen te snappen. Daar moet je kind voor zijn, of man.

Vroeger had je die handigheid met controllers en gaming pads helemaal niet nodig. Wij speelden vooral veel buiten en daar leefden we in een fantasiewereld, deden we spelletjes, maakten kettingen van madeliefjes en haalden we halsbrekende toeren uit. Dáár heb ik heel veel van geleerd. Bijvoorbeeld dat je NOOIT de weg moet oversteken op het moment dat je moeder één van haar eerste rijlessen heeft. Of dat je altijd heel hard naar je oma moet rennen als er een man op je afloopt met een regenjas en blote benen, zodat je oma die viezerik met haar paraplu kan meppen. En dat je ALTIJD als je voorover op de stoeptegels klettert de klap met je handen opvangt en niet met je voortanden. Kijk daar heb je tenminste iets aan. Dat neem je mee voor later.

Dat vallen en opstaan neem je voor lief. Je bent tenslotte kind en wil de wereld ontdekken, gewoon, omdat het spannend is, je nieuwsgierig bent en je door je onschuld en naïviteit voor niks en niemand bang bent. Je valt en staat weer op en wordt wijzer. Je kan gewoon op de dakkapel klimmen en vervolgens op de nok van het huis Pipi Langkous gaan zitten zijn. Vond ik. Mijn bezorgde ouders vonden van niet trouwens. In de stad was altijd iets te beleven, maar mijn moeder zag gevaar op elke hoek en laat dat nou net datgene zijn dat je als kind het liefste opzoekt. We werden tot in den treure gewaarschuwd voor kinderlokkers met bolle broekzakken gevuld met snoep en mannen die je zouden vragen ze de weg te wijzen naar één of ander achteraf steegje. Ik ben ze nooit tegengekomen. En ondertussen hing het touwtje van de voordeur minstens een halve meter uit de brievenbus te bungelen….

En nu ben ík zelf die party pooper, die bezorgde moeder waar je als 13-jarige hevige discussies mee voert omdat je als enige niet om 1 uur ’s nachts alleen over straat mag. Gewoon, omdat ze teveel fantasieën heeft over stomdronken gespuis dat je ’s nachts van je fiets probeert te meppen zodat je bloedend op het asfalt ligt, en met een beetje pech vervolgens ook nog eens wordt overreden door een zuiplap in een Corvette. Je ziet het: aan fantasie nog steeds geen gebrek van deze kant.

Dus ik zou zeggen: kind, ga lekker buiten een beetje rotzooi trappen en klim van mijn part op het dak van de schuur (de nok van het huis vind ik ietwat overdreven), of ga stiekem de appels uit de boom van de overburen jatten zodat we samen een fijne appeltaart in elkaar kunnen knutselen. Als je maar uitkijkt voor die mannen met bolle broekzakken die zich in de bosjes hebben verstopt en je de weg vragen. Zeker als er een geblindeerd busje om de hoek staat.

Het onheil ligt overal op de loer. Geleerd van Grand Theft 5. En van mijn moeder. Dussss….