Angeli schrijft


Een reactie plaatsen

Supergirl

Dat ben ik, een Supergirl. Althans, dat maakte ik mezelf wijs, dat ik dat was.
Dat ik met gemak 36 uur in 24 uur kon proppen. Dat ik 4 dagen per week kon werken, een scheiding achter me kon laten, één huis in de verkoop kon hebben, een ander huis kon opknappen en ondertussen veel, heel veel tijd door kon brengen in mijn rijdend ei. Ik kon een paar keer per week op mijn vrije dagen 600 km per dag rijden naar Venlo of Maastricht omdat mijn vader ernstig ziek is. Deed ik, geen probleem. Ik waste, kookte en streek de was, schilderde, chauffeurde, verhuisde, zorgde voor een kind, voor een ernstig zieke, voor een verdrietige en voor een gehandicapte. Allemaal tegelijk. Kon ik.

Ik logeerde in familieaccomodaties van het Maastrichtse ziekenhuis die trouwens qua verlichting meer weg hebben van een bordeel dan van een familiehuis. Die stylist wil ik trouwens wel even spreken… Ik praatte met de allerliefste artsen en schattige verpleegkundigen die een lintje verdienen én met krengen die van mij in handen mogen vallen van Voldemort, of Dracula, of whoever, als ze maar vertrekken. Kssst, weg uit mijn blikveld. Van die zuchtende types die nul komma nul peper in hun reet hebben en al moe werden van mijn vraag waar ik een plastic bakje kon vinden. Ik ben echt een grote meid die zelf een bakje kan pakken, als ik maar enigszins in de juiste richting gedirigeerd wordt, maar zelfs dat was al een enorme opgave voor sommige heksen. En voordat ik nu de hele zorginstelling over me heen krijg… Ik zie echt wel dat de meeste verpleegkundigen de kekke crocs onder hun lijf vandaan lopen, maar dat doe ik ook op mijn werk, op hakken, dat dan weer wel. En ik mag ook geen klanten afsnauwen, afzeiken of negeren want dan wordt de baas boos en dat willen we niet. En ik mag er trouwens ook niet over zeiken dat ik het druk heb. Dus zusters en broeders, een heel klein beetje vriendelijkheid voor letterlijk doodzieke patiënten wordt erg gewaardeerd.

Tussendoor deed in verwoede pogingen om te spinnen, fietsen, salsa te dansen of hard te lopen omdat ik daar energie van krijg en er ook nog enigszins toonbaar denk uit te blijven zien. Niets is minder waar. Een dweil is met enige regelmaat een betere definitie van mij, zo eentje die bij de Blokker in de 1-euro-bak ligt en compleet uit model raakt na 1x uitwringen. Met van die te lange punten aan de hoeken, ken je ze?

En toen brak het lijntje. Niet eens meer weten hoe je een kopietje moet maken. Burnout, draaiduizeligheid, twee nekhernia’s en moe. Héél moe. Van 3 uur per Burn-Outnacht slapen ga je er enorm gezellig uitzien, geloof me. Niets meer aan te redden, zelfs voor de Velthuis-kliniek zou ik een uitdaging geweest zijn. Onbegonnen werk. Enige voordeel van niet slapen was dat de was ‘s ochtends piekfijn gestreken in mijn wasmandje lag. Wat zijn er trouwens verrekte veel foute programma’s op tv midden in de nacht zeg! Ik heb werkelijk alle waarzegsters en toverheksen voorbij zien komen en er was er niet een bij die gelijk had. Maar dat terzijde. Dat was april.

Nu is het alweer begin oktober en ik kan oprecht zeggen dat ik er bijna ben. De hernia’s hebben besloten zich langzaamaan wat terug te trekken, extreem sporten is nog steeds geen optie, de Velthuiskliniek zou nog steeds een dagtaak aan me hebben, maar deze supergirl heeft het maar mooi geflikt.

Het jaar is nog niet ten einde en er komen vast nog fikse hobbels, maar die kan ik aan. Dankzij mijn verschrikkelijk toffe puber, mijn ouders, mijn superlieve vrienden, vriendinnen en collega’s, mijn coach die me met regelmaat op mijn flikker geeft en niet te vergeten, dankzij mijzelf.

Langzaamaan ga ik straks weer echt fanatiek fietsen, hardlopen, salsadansen en genieten van het prachtige leven.

Mensen breken niet omdat ze zwak zijn, maar omdat ze te lang sterk zijn geweest.

Dus dank lieverds voor jullie begrip, steun en liefde. Zonder jullie was ik nergens.