Let’s get the party started!

Het festivalseizoen is officieel geopend en echt,ik voel me net zo’n dartel wijfjesrund die voor het eerst weer de wei mag. Het eerste feestje zit er alweer een paar weekjes op (ja, nog nét voordat het officieel mocht, ssshhht) en al die dansende mensen en dj’s maakten de euforie zo enorm compleet. De blijdschap is zo overweldigend na al die tijd. Wat een ontbering is het geweest, dat party-loze jaar. Mijn envelop met alle kaartjes voor aankomende feestjes ligt in de kast en mijn gebloemde festivalboots staan standby, te wachten op een mieters blubberfeest in een weiland. En ja, ik print mijn kaartjes nog steeds lekker old-fashioned uit want stel je voor dat mijn telefoon ineens spontaan uit elkaar klapt ofzo. Ik ben van de voorzichtige hè? Ik laat geen feest aan mijn neus voorbij gaan door een telefoon die onverwachts bezwijkt.

Wessels eerste festivalweekend zit er al op en man, wat een blije telg heb ik. Ik heb al eerder geschreven over mijn festivaldier en er is dus hélemaal niks veranderd in die tussentijd met lockdowns en al die andere misère. Triomfantelijk stuurde hij me een screenshotje van maar liefst 50.000 stappen die hij even in 24 uur op feestjes had afgelegd, dus ga me niet vertellen dat het niet ontiegelijk goed is voor je lichamelijke gesteldheid. Daarbij opgeteld de endorfine die vrij komt en ik zeg, verplicht feestjes invoeren en we leven nog lang in gezondheid. Een heel gelukkig. Machtig mooi vind ik het.

Nog anderhalve week en ik mag weer naar Thuishaven en hoe tof is het dat mijn bloedje de kaartjes voor zijn moeder heeft geregeld. Hij zat in Amsterdam met vrienden te azen op kaartjes en ik zat thuis wel 3 kwartier als een seniele vaatdoek te staren naar een bloedirritant rood balkje, dat tergend langzaam vooruit schoof. Collectief zijn we ook, uitgerekend precies op het moment dat we aan de beurt waren, keihard weer uit de app gesodemieterd. Zonder kaartjes! Ik kan je vertellen dat de appjes die over en weer gingen veel, hier niet nader te noemen woorden bevatten. De honden lusten er geen brood van. Maar Wessel is volhardend, dat vind ik nou zó fijn aan mijn festivaldier. Hij heeft het op kunnen brengen om nog een keer die hele irritante-rode-balkjes-sessie te doorstaan, de held. En hoe fijn is het dat hij het ook geen enkel probleem vindt dat hij daar straks staat te feesten met zijn moeder en haar vriend. Nou is het niet de eerste keer dat ik samen met mijn apegatje op een feestje sta dus ik heb niets te vrezen. Denk ik.. Zijn vriendinnetje zal er ook bij zijn, dus ik zal me voorbeeldig gedragen. Of ik ga op zijn minst mijn best doen, beloofd. Ik blijf een spontaan ding hè?

Vlak voordat we voor een welverdiende vakantie vertrekken, gaan we nog met vrienden naar Komm schon Alter, een 24+ festival in de Tuinen van West met een line-up waar ik heel gelukkig van word. En 24+ is ook fijn. Een feestje waarop je niet tot de ‘belegen’ generatie wordt gecategoriseerd door 18-jarigen is ook weleens goed voor de gemoedstoestand. Dat onze geestelijke toestand met enige regelmaat aanvoelt als 24 en een beetje, ach laat ons af en toe lekker seniel zijn. Dat we na zo’n dag dartelen een dag moeten bijkomen zou ik eigenlijk niet moeten vermelden, maar vooruit, met de billen bloot. Ook dat recupereren hoort erbij. 24+ hè? Het feest is overigens vlakbij begraafplaats Westgaarde dus mocht het uit de hand lopen dan hoeven ze me in ieder geval niet zo ver te dragen. Ik zie alleen maar pluspunten.

We hebben daarna even tijd om lekker mondkapjesloos op adem te komen op één of ander strandje op Ibiza, mits het net zo kanariegeel blijft als nu op de corona-sites. Ik hou mijn hart vast. Dat even bijkomen vind ik best wel een intelligente beslissing want vlak na thuiskomst mogen we weer door naar het eerstvolgende weekend in het weiland. Zomerkabinet, ook zo’n aangenaam festival. Ik heb nog net tijd om mijn laarzen schoon te maken en opnieuw in het vet te zetten, maar ik ben best goed in voorwerken, al zeg ik het zelf.

Let the party-season begin en laat dit dartele wijfjesrund maar gaan, die komt er wel. Maar na deze 2 maanden eerst een maandje rustpauze voordat ADE begint. Recupereren hè? 50-plusser zijn is niet altijd een feest..

Het festivaldier

festivaldierDit is hem, mijn festivaldier en de beer is los.

Wessels eerste echte dance-, trance-, techno-party (ik dek me even in, bij gebrek aan specifieke kennis over deze onstuimige avond..) bleek achteraf ook wel één van de heftigste te zijn in Amsterdam en dat hoor je natúúrlijk pas achteraf. Eén of ander underground techno-feest in een ranzige bunker. Begintijd: 01.00 uur ’s nachts, eindtijd.. ehm ergens rond 8? Want hij kwam rond 9 uur ’s ochtends compleet afgepeigerd thuis en het delen van zijn enthousiasme moest even wachten tot het eind van de middag, toen hij was hersteld van deze nachtelijke happening en de slaapkamer weer enigszins begaanbaar terrein was.

Het was een onrustige nacht want ik vond dat ik, als verantwoorde moeder, af en toe best even een whatsappje kon sturen met de semi-geïnteresseerde vraag “is het cool?”. Een vraag van een hoger niveau kwam er sowieso niet meer uit rond dat nachtelijke uur, dus elke 3 uur kwam er een whatsappje terug dat  ‘het cool was ja’. Ik ben zo’n bezorgde moederkloek die graag wil weten of mijn kind nog rechtop staat zo ergens tussen 04.00 uur en 7.30. En dus lag ik midden in de nacht met enige regelmaat in mijn bed filmpjes te kijken, die ik enthousiast toegestuurd kreeg,  van loeiharde techno op een duister bunkerfeest. Alsof ik niets beters te doen had en alsof dat mijn gemoedsrust ten goede kwam, maar ik was er zielsgelukkig mee. Je snapt het al, het was een super relaxte nacht en ik heb genoten…

Dat feest was het begin van zijn dubieuze carrière als festivaldier en er zijn de afgelopen maanden dus ook al heel wat party’s de revue gepasseerd, laat staan degene die nog op het overvolle programma staan. Ik snap dat, want ik vind dat je het leven moet vieren. Het is voorgekomen dat we beiden op hetzelfde feest rondhuppelden en Wessel vindt dat godzijdank prima. En ik dus ook want ik ben gewoon een leuke moeder waarvoor hij zich niet schaamt (Wessels woorden, écht! 🙂 ). Dat feest was er dan wel zo één die om 3 uur ’s middags begon en om middernacht was afgelopen want daar hou ik van. Een feest met een overzichtelijke eindtijd en waarvan ik niet ergens laat in de middag als een dweil mijn bed uit strompel. Wessel maakt dat niks uit, de bikkel..

Het feit dat hij bijna 18 is maar nog nét niet, werkt alleen niet altijd mee aan mijn geestesgesteldheid. Wat als Hoeder Thor bij de ingang van zo’n louche tent vraagt naar zijn ID en hij het ‘sletten-ID’ (leg ik zo nog wel even uit) niet vertrouwt? Dan staat mijn bloedje ergens op 1 of andere luguber industrieterrein in the middle of nowhere, terwijl zijn 18-jarige vrienden inmiddels uit hun dak gaan bij Paula Temple of Hunnee of iets in die trant?

Dat ‘slettenID’ heb ik gelukkig niet zelf verzonnen, maar is de ID-kaart van een vriend die dus wél 18 is, en van hand tot hand gaat omdat hij waarschijnlijk zo’n lekker ‘doorsnee’-hoofd heeft waar iedereen op een bepaald moment wel op zou kunnen lijken.  Dat dus..

Ik hoor sommige mensen al een vonnis vellen, dus kom maar op met insinuaties over mijn onverantwoorde houding dat ik mijn zoon van bijna 18 toesta naar 18+-feesten te gaan. Ik kan je hebben. Ik vind het namelijk ontzettend kleinburgerlijk dat die grote kerels en jonge vrouwen tot hun 18e alleen maar naar een jolig fris-feestje in de plaatselijke soos mogen. Jaja, hersenbeschadigingen, verslavingen enzovoort… Blablabla. Autorijden of verhuizen naar een studentenwoning in Amsterdam is dan weer totaal geen issue voor hun 18e. Hebben ze daar ook van die ruige maar o zo sociaal wenselijke fris-feestjes? Uit welk ei  komen die politici?

Nog een ruim maandje, dan wordt mijn vent 18, dus 1 zorg minder. Dan hoef ik hem in ieder geval niet meer op te halen op één of andere onvindbare parkeerplek, mocht hij ergens stranden met zijn geleende ID-kaartje.

Vooralsnog is hij glansrijk over naar 6 VWO, is hij nog steeds verliefd op zijn prachtige vriendin en blijft het een fantastische en sociale vent. Het komt wel goed met die jongen. En met mama ook.

Afscheid van een tentfeest

Ik weet het nog als de dag van gisteren, mijn allereerste tentfeest. Ik was 34. Jawel! En denk nou niet dat ik mijn hele jeugd als een eenzaam muurbloempje op mijn kamer met Blondie- en Spandau Ballet- posters heb doorgebracht. Nee, ik kom uit de stad en wij hadden geen schuurfeesten. Wij hadden straten vol kroegen en discotheken en een jaarlijks parkfeest. Het was een wilde tijd in de stad, maar dat snappen jullie wel. Of het lag aan mij, dat kan ook.

Ik ging op mijn 34e dus voor het eerst met Rik mee naar een tentfeest. Ik had geen flauw idee wat ik kon verwachten en ik was eigenlijk in de veronderstelling dat Rik een paar knusse partytenten met lampionnetjes in zijn tuin had gezet waaronder wij met zijn allen een wijntje zouden nuttigen. Ik had dus ook zorgvuldig mijn outfit geklozen en was heel trots op mijn prachtige spiksplinternieuwe zwarte laarzen en zwarte colbertje. Wist ik veel.

Het bleek dat we naar het Blauwe Apen feest in één of andere louche schuur in the middle of nowhere zouden gaan. Slecht plan en verkeerd gekozen outfit. Buiten tot mijn enkels in de modder en binnen tot mijn knieën in het stro, pislauw bier drinken uit een gieter (!) en ondertussen op een groot scherm naar tekenfilmpjes van de Pink Panter kijken. Ik snapte niks van die stampende boeren die het geweldig vonden om een plastic gietertje aan hun giechel te zetten dus na een uurtje was ik het spuugzat. Nieuwe laarzen geruïneerd, colbertje stijf van het bier en rooddoorlopen ogen en dito hooikoorts-neus van het ploeteren door het stro. Je begrijpt dat dit hé-le-maal mijn ding was…

Regelmatig werd ik door Rik meegesleurd naar dit soort zuipfestijnen en ik vond het niks. Tot AJOC. AJOC was de bom, een supergroot Pinksterfestival met echt goede bands zoals de Golden Earring, Anouk, Kane en Jan Smit. (Huh? Wie? Ja die ook, ja…) Mijn eerste AJOC-avond was er één waarop De Kast optrad. Toen zanger Syb me tijdens een mierzoete ballade te lang in de ogen keek was Rik het zat en werd ik verwijderd van de eerste rij. Maar ik had wel de smaak te pakken, dus het werd een jaarlijks terugkerend fenomeen. Ik onderging zelfs gelaten het biersmijten en leerde onderwijl moeiteloos kotsende tieners te ontwijken en hangend te piesen boven een natgezeken toilet. Ik was een natuurtalent; ik kon moeiteloos buiten in de vreettent een vet patatje mayo naar binnen werken en hoppa, weer aan het bier zonder ziek te worden. En ik leerde de juiste outfits kiezen voor zulke festijnen.
Ik draaide mijn hand er niet voor om om zelfs als een hoogzwanger grobbekuiken mijn entree te maken op het AJOC-feestje in een onvervalste spijker tuinbroek. Hoe ver kan je zinken.

Maar vanochtend bereikte mij het volgende verontrustende bericht:

En daar wordt je als import dorpsbewoner niet echt heel vrolijk van. Zoveel is hier niet te beleven dus als het enige jaarlijkse hoogtepunt (de Sint-intocht daargelaten) wegvalt is het hele dorp in shock. En dan vooral de kersverse jeugd die 2013 als festival-ontmaagding op het programma had staan.
Maar hé, ik zie aan dit hele trieste bericht toch ook wel een fijn pluspuntje: ik hoef mijn zoon dus voorlopig niet dronken in één of andere voortuin tussen de lavendel uit te plukken waarin hij met zijn fiets is beland. Hij is pas 12 dus ik moet me eigenlijk niet druk te maken, maar tegen de tijd dat hij er wel heen mag, over pak-em-beet een jaar of 12, zijn tentfeesten zó 2012 dat hij niet eens meer hoeft. Hoop ik.

Ach, elk nadeel heeft zo zijn voordeel. De afgetrapte festival-schoenen mogen nu eindelijk in de kliko. Afscheid nemen, dat is het. Dag AJOC.