Struisvogelpolitiek

emoe1Dinsdagochtend, één van de laatste tropische zomerdagen en mijn laatste vakantiedag dus wat doe je dan als je mij bent? Precies, dan ga je met een vriendin en een tas gevuld met voer, drank en zonnebrand naar het strand.

We reden nét ons bruisende gat uit toen mijn blik werd getrokken naar een groot schepsel dat zich langs de N201 bewoog. En aangezien ik mijn bril uit pure ijdelheid natuurlijk weer niet op had, knipperde ik voor de zekerheid nog maar een keer. Ik keek een beetje dommig opzij naar Annette en vroeg of er écht een struisvogel langs de N201 aan het flaneren was, of dat er resten caipirinha van de avond ervoor nog ergens waren blijven hangen. Godzijdank zag zij het ook want ik was al bang dat het aan mijn katertje lag of iemand stiekem één of andere onduidelijke paddo in mijn bak Nespresso had geknikkerd.

Dus ik dacht, ik bel de politie want stel dat die tropische verrassing de weg op holt. Of bestuurders dermate afleidt dat er ongelukken gaan gebeuren op de toch al niet zo veilige provinciale weg. Dus ik pakte mijn telefoon en belde de politie. Ik kan je verzekeren, dat was een nogal raar gesprek:

“Goedemorgen meldkamer politie, wat kan ik voor u doen?”
“Nou ik wil even een melding doen van een loslopende struisvogel langs de N201”

..Stilte…

“Kunt u dat herhalen?”
“Ik wil even melding doen van een loslopende struisvogel langs de provinciale weg.”

Stilte…

“Wat is uw naam?”
“Angeli ***”

Stilte… (Ik denk dat ze in de tussentijd even snel mijn naam door de computer sleurde om te checken uit welke instelling ik was ontsnapt of het label ‘ontoerekeningsvatbaar verklaard’ aan mijn kont had hangen.)

“Ik ga contact opnemen met politie Mijdrecht, blijft u even aan de lijn”.

Stilte..

“Daar ben ik weer” en ik hoorde dat ze verwoede pogingen deed om mij niet recht in mijn smoel uit te lachen.
“Een struisvogel zei u hè?”
“Ja, dat zeg ik (stom wijf), een struisvogel”
“We gaan er een auto heen sturen om het na te kijken, het kan zijn dat u nog gebeld wordt. Dag mevrouw”.

En weg was ze. Om het ‘na te kijken..’ want een imbeciel die een struisvogel ziet wandelen is gelukkig blijkbaar toch nog genoeg reden om het ‘na te kijken’.

En op het moment dat ik ophing begon ik te twijfelen aan mezelf. Nou was het dinsdag ook wel bloedgeslagen heet dus enige oververhitting had zomaar gekund en het gebrek aan een bril werkte ook niet echt mee aan het vertrouwen in mijn waarnemend vermogen. We hebben in de auto alle mogelijke schepsels doorgenomen, van een uit de kluiten gewassen ooievaar tot een lama op 2 poten. (Leer je veel van trouwens.) Maar het was toch écht een struisvogel of een aanverwante vogel die daar parmantig op zijn hoge poten aan het kuieren was alsof hij de koning van de polder-Savanne was.

Afijn, ik vind het f*cking jammer dat ik niet heb mogen meegenieten van een aantal smerissen die in de wei op een gestreste struisvogel jagen. Had me een hilarisch plaatje geleken. Ik zou het nog gefilmd en op YouTube gepost hebben ook. En ik zou de trut van de meldkamer getagt hebben. Stom wijf, beetje twijfelen aan mijn melding. Ik vind het struisvogelpolitiek.

∼∼∼Summer vibes∼∼∼

Ik weet het wel? Dat jullie gestoord worden van mijn posts over strandtenten, de zon, muziek en biertjes en blote voeten in het zand. Maar ik word er zo gelukkig van en geluk moet je delen toch? En laten we eerlijk zijn, het is ook wel eens fijn om nu eens geen gezever te horen over weer een nieuw huisje of wederom een lege bankrekening. Want dit huisje blijft en die bankrekening blijft een constante golfbeweging tussen lichtgroen en een beetje smerig roze.

Dat oude busje waarmee ik door Brazilië ga toeren komt er voorlopig niet en de foodtruck waarin ik in bikini Caipirinha’s ga shaken en Coxinha’s ga frituren evenmin. Sowieso, het idee dat ik in bikini in mijn truckje ballen sta te frituren… nehhh, slecht idee.  In alle opzichten.  De kunst  zit erin om de droom van vrijheid levend te houden en ik kan dat.

IMG_3179Dus ik compenseer met bijzondere momenten op het strand. Desperados drinken uit een flesje, dansen in het zand, muziek luisteren, mooie gesprekken voeren met lieve vrienden en open-mined onbekenden.  Een beetje hangen  bij het vuur en als ik na zo’n avondje in mijn bed stap en de lucht van verbrand hout in mijn haren ruik vervloek ik mezelf dat ik niet even de brandlucht eruit heb gewassen, maar ach, wie heeft daar last van behalve ik zelf. En genieten van geweldige zonsondergangen, het maakt me intens blij.

Ik compenseer ook met het opstoken van mijn bbq-vat op zwoele zomeravonden, vrienden die onverwachts aan komen waaien en veel te lang blijven hangen op doordeweekse dagen maar f*ck dat. Slapen doen we in de winter wel weer.

De zomer maakt de mensen mooier en het leven makkelijker. En zelfs Wessel begrijpt dat, echt een kind van mij.. 🙂 Die heeft de festivals ontdekt, geniet van warme avonden met muziek bij Thuishaven of Woodstock, is niet meer weg te slaan van feestjes waarbij hij met vrienden en zijn liefje buiten kan dansen, een biertje kan drinken en het leven kan vieren. En ik geniet van hem.

IMG_3193Nog een ruime maand en dan gaan we samen een weekje weg. Dat het kán vind ik al een bijzonder dingetje maar dat hij het chill vindt om met zijn moeder op stap te gaan is van dusdanige meerwaarde dat ik er graag wat extra peso’s tegenaan gooi.  Ik ga met mijn kind onbekende straten doorkruisen, paëlla eten onder een palmboom en veel, heel veel muziek luisteren en ik weet nu al dat het mooi wordt.

En dan is er nog mijn drop-dead gorgeous Franse collegaatje die 3 weken op mijn zolder bivakkeert, mijn kingsize heeft ingepikt, haar hart uitstort en ondertussen mijn Havana rum soldaat maakt. Ik slaap met alle liefde 3 weken op mijn geleende 1-persoons senioren-Auping en vervul met even zoveel liefde de rol van moederkloek en ga pas slapen als ik weet dat ze veilig thuis is. En ze geniet van Nederland, van de tolerantie en van de mensen. En ik geniet van haar.

Laat de zomer nog maar even duren, Summer vibes, ik koester ze…

Zomer 2017….

banksyMijn vorige blog: 31 mei… mijn doodlopende straatje… Als ik toen wist wat ik nu weet.
Dag, ‘mijn doodlopende straatje’, ik heb je nog geen seconde gemist.

Ineens was daar ons nieuwe paleis, splinternieuw, goedkoper, groter, mooier, maar zooo verschrikkelijk casco….
Na weken ploeteren, stucen, schilderen, inpakken, uitpakken, blij zijn maar ook huilen van vermoeidheid zit ik er nu al ruim anderhalve maand. Ik ben de gelukkigste eikel in de wijk, ik zweer het.

Mijn buren hebben bijna  allemaal al een plaatje van een tuin en een huis dat strak in de plinten zit. Ik niet en I don’t give a fuck’. Mijn tuin is een heuse beachclub waar we op Wessels verjaardag een stapel pallets in hebben geknikkerd met wat kussens erop, waar we de vuurkorf aangeslingerd hebben en de BBQ op een paar spuuglelijke grindtegels hebben gezet, maar wat hebben we genoten van ons privé strandfeestje.

En die plinten? Die komen er wel, ergens zo rond 2021 vermoed ik zo. O, en de zolder is nog een stuc-projectje maar hé, who cares. Ik niet in elk geval. Ik ben blij en Wessel misschien nog wel meer. Mijn vent heeft eindelijk een kamer waarbij hij geen circusachtigekamer1 capriolen hoeft uit te halen om zijn matras te bereiken. Hij heeft een stuk of wat pallets creatief op de grond gedonderd, een fikse matras erop gegooid en zijn sponde is klaar. Ik heb er zo mijn vraagtekens bij want hoe krijg ik in godsnaam de vuiligheid onder die pallets vandaan, maar de belofte dat we 1x per maand het hele bed demonteren staat. Het is er nog niet van gekomen…. goh…
Hij heeft een sterke tekst op zijn muur geschilderd (……) en is retetrots op het eindresultaat. Fijn.

Er klopt in het huis nog steeds geen reet van de elektriciteit en de prutser die het heeft aangelegd moet nog even een opfriscursusje hebben maar dat overleven we wel. Hoop ik… Als ik twee keer op de intussen gerepareerde (?) lichtschakelaar druk, gaat het brandalarm op een andere verdieping af en voor de buitenlamp hebben ze al 3x een monteur gestuurd die het ook niet weet, maar met een beetje gebruiksaanwijzing worden we niet geëlectrocuteerd. Dat scheelt weer.

We hebben inmiddels de eerste straatborrel achter de rug, waar ik met 1 hand wijn stond te kantelen en met mijn andere hand probeerde een beetje interessant op mijn koffertje te leunen. Ik kwam net terug van Parijs en viel met mijn neus in de boter, eh wijn, ik bedoel wijn.  De hele buurt denkt nu waarschijnlijk dat ik een ongelooflijke ‘vrouw van de wereld ben’ die regelmatig dit soort decadente uitjes verricht. Ik laat het nog even zo.

Ik heb tussen neus en lippen door  ook nog even een aanbidder in de straat afgewimpeld die met mij naar Duitse feestjes op de naturistencamping wil. Ik heb de goede man toch maar uitgelegd dat ik niet de persoon ben waarmee je in je blote kont Bratwursten omdraait op de BBQ terwijl je loeihard Ich bin wie Du-huuu mee lalt.
Man, man, er gebeurt vanalles in mijn nieuwe spannende straatje.

Mijn zomer is voorbij gegaan aan noeste arbeid. De hoop op een bloedhete nazomer heb ik laten varen.

parijs

Ik heb genoten van mijn laatste vakantiedagje waarop ik met Wessel  vooral heel veel op terrasjes aan het IJ heb gehangen, we witbiertjes hebben verorberd en ontzettend veel gelachen hebben. We de parfumtrut van de Bijenkorf tot waanzin hebben gedreven en veel teveel geld hebben uitgegeven aan posters van Banksy. En het onverwachtse weekendje Parijs waarvan ik zo intens genoten heb, hebben de gemiste zomer toch een beetje goedgemaakt.

Godzijdank is het al eind september, nog maar 8 maandjes tot de lente…

Gardameer Holladiééé!

Zo, terug van onze zomervakantie aan het Gardameer. Onze eerste keer aan het meer en tevens onze laatste. O, het was gezellig en we hadden heerlijk weer, maar om 1200 km te rijden om in Bakkum terecht te komen is wel wat overdreven. Maar even vanaf het begin.

De feestvreugde begon in Zwitserland. Wat waren we blij dat we na 11 uur hangen in ons Citroën-ei, geplette broodjes vergezeld van een klets koude koffie nuttigend en plassend op gore parkeerplaats-WC’s die ellendige Gotthard-tunnel achter de rug hadden. Voor de onwetenden onder ons: dat is één groot zwart stinkend 2-baans hellegat van 17 km dat je door de krochten van een Zwitserse Alp moet voeren.  Ik was er wel klaar mee en mijn flesje ontsmettingsgel begon akelig leeg te raken. En we waren moe,  dus een kneuterig Zwitsers hotelletje en een bordje Geschnetzeltes mit Pommes en een pul bier waren meer dan welkom. Nou, vergeet het maar. We (lees: Rik) hebben 3 uur lang vloekend elk lelijk dorp langs elke afrit gehad maar een 3-persoonskamer in Zwitserland is zoeken naar een speld in een zwitserse hooiberg. Uiteindelijk waren we dat gezoek naar een idyllisch Von Trapp-pensionnetje zó zat dat we zijn doorgereden naar Italië. Pas in Como vonden we een mooi, schoon hotel, terrasje, hapje, drankje… De Van der Elstjes waren weer blij…

De volgende dag door naar het Gardameer, naar onze prachtige 4-sterren camping met luxe tent. De camping was er en de tent ook. Daar is alles mee gezegd. Ten eerste had het camping-management er stiekem zelf 2 sterren erbij geplakt en was de tent een vooroorlogs exemplaar waarin de Vacansoleil-medewerkers vruchteloos hadden geprobeerd met halve boomstronken de aftandse keukenkastjes en ander onheil nog enigszins waterpas te krijgen. Maar goed, de port-a-potti kreeg zijn ere-plaatsje, een sopje door de zweet-tent gehaald, beddengoed ontdaan van wantsen en ander ongedierte en een stralende zon en dan ben je al snel tevreden als Nederlander. Het welkomstpraatje van Ineke en Piet, de Vacansoleil-goeroes had ik voor geen goud willen missen… Happy campers pur sang, die ons gelijk al voorzagen van handige tips wat te doen met het grondzeil bij heftige regenval en waar de lekkerste frieten te krijgen waren. Nou, dat beloofde wat!

Onze overburen waren Duitsers en ze waren de trotse bezitters van Felix der Dachshund, die met een halve drol aan zijn kont over ons pad schuifelde.  In het meer stikte het van de waterslangen,  de keien op het strand waren zo groot dat ze niet eens irritant in je bikinibroekje konden gaan zitten en het toppunt van de dag was de aquagym om 10.00 uur en dan hield het wel zo’n beetje op. Niet dat we meededen maar kijken naar eenzame dames die desparaat met hun cellulitis-billen in te kleine roze bikini’s stonden te schudden maakte veel goed. Ik ben geen over het paard getild meisje, maar dat volk op die camping! De rimpelige poepbuine Sally Spectra die altijd en overal voordrong omdat ze al jáááren op die camping kwam en dus aanspraak maakte op haar verworven rechten (?), de veel te brede patser die regelmatig met zijn gouden koningsketting over de camping sjouwde, het 60+-camping-kadaver met de diamanten navelpiercing… O, en dan die foute kerels die al een erectie krijgen door alleen maar te brallen over de hoeveelheid PK’s van hun boot. Dat volk dus. Brrr. Maar goed, Rik wilde naar het Gardameer, dus geen gezeur.

Maar er is ook goed nieuws. Het fietsen in Lombardia mensen, het fietsen. Wat een genot, wat een uitzichten, wat een prachtige routes, gave beklimmingen en wat een mooie Italiaanse fietscultuur. Ik ben geen Italiaan tegengekomen die niet gesoigneerd op zijn stalen ros zat. Alles klopt, en ik zie dat graag. Ik vond fietsen in Frankrijk leuk, en natuurlijk is het een uitdaging om een keer de Alpe d’Huez op te fietsen, maar eigenlijk is het ook best saai en ik vind dit persoonlijk zoveel mooier. De verrassing die je na elke bocht tegenkomt, je weet nooit of het een stukje klimmen of dalen wordt, het uitzicht op een nieuw stukje van het meer, een cappuccino op een met kasseien bestraat pleintje in een oud Italiaans dorpje en weer verder fietsen tot de volgende verrassing je overvalt.  De Italianen die ‘forza bella!’ naar je roepen als ze je met een bloedgang voorbij racen (het was de Astana-ploeg die aan het trainen was, dus dan mag het… ). O mensen wat wordt een fietser hier blij van. En je komt bijna geen toerist  tegen want die hangen allemaal brallend in hun speedboten op het water en gieten zich vol met goedkope prosecco. En dat moet vooral zo blijven.

Ik kan nog wel een bladzijde vol schrijven over onze belevenissen en wellicht dat er nog een vervolg komt, maar  voor nu hebben jullie in elk geval al een kleine sfeerimpressie.

Dit was onze laatste keer Gardameer maar zeker niet onze laatste keer Lombardia. Want 1 ding is zeker, dit is voor ons de fietshemel op aarde…

A presto!