Summer- summer- summer tiiiime

Je snapt het, of niet, dat kan ook. Terwijl ik thuis achter mijn laptopje zit te werken schalt DJ Jazzy & The Fresh Prince door de speakers en lal ik keihard mee met Summer- summer- summer time. Het is pas half 9 in de ochtend. Ik weet het, bloedirritant maar ochtendmens hè? Eindelijk zomertijd en dat uurtje dat ik korter geslapen heb? Heerlijk. Ik heb het zondag uiteindelijk in mijn bed volgehouden tot wel half 9. Ik ben er gewoon niet zo goed in, op mijn boxspring blijven liggen fermenteren tot in de vroege middaguurtjes, want stel dat je wat mist hè? Het vooruitzicht van zwoele zomerdagen en nog voor zo’n 10 weken vakantiedagen op de teller, bring it on!

De musjes zijn immens druk bezig met het bouwen van nestjes onder mijn dakgoot. Schattig, maar ze gebruiken mijn weelderige pampasgras-pluimen om er een comfortabel ledikantje voor de kleintjes van te construeren. Echt, ik gun het ze, maar mijn mooie pluimen zijn een paar verdrietige kale piemels geworden. Ach, ze moeten toch gesnoeid worden. En ik gun die kale wurmen een zacht en warm slaapplekje onder mijn dakgoot, zo ben ik dan ook wel weer. Zolang ze er maar niet uitflikkeren, dan vind ik alles goed. Misschien moet ik nog een opvangnet regelen, een matras over de hele breedte van mijn gevel dat de val breekt ofzo. Hmmm, iets om over na te denken.

Ik hou van de lente. Ik zie alweer van die groene puistjes aan bomen zitten en nies me alweer de longen uit mijn lijf van die klote berkenbomen die ze hier in de hele wijk geplant hebben. Het is een hele happening, die lente, behalve in mijn eigen tuin. Mijn palm heeft de strenge vorst niet overleefd ben ik bang, maar ik ben zo’n type dat nog altijd blijft hopen op een mirakel. Misschien dat die gele ploert daarboven hier nog iets mee kan? Ik denk het niet dus ik vermoed dat ik die kale knots er toch uit moet gaan graven. Echt iets waar ik enorm naar uitkijk. Not. En de ruige ongecultiveerde olijfboom die mijn vader ooit stiekem heeft meegenomen uit Frankrijk en me heel dierbaar is, is ook niet in opperste feeststemming. Ik moet me toch eens gaan verdiepen in dat hele hortus-gebeuren, maar ook hier heb ik zo’n vermoeden dat dat weer een kansloze missie wordt. Ik heb nog zo’n 6 projecten in de planning dus deze wordt vast ergens naar een hoger plan geschoven. Ik ben daar best goed in.

Vooralsnog ben ik blij dat het voorjaar zijn intrede heeft gedaan. Ik koop me een versuffing aan kaartjes voor festivals, ADE en andere louche bezigheden buitenshuis. Jahaaa, dat doe ik nog steeds, want ook als niet-twintiger is dat verrekte amusant. Ik heb er alle vertrouwen in dat we straks los mogen gaan. En zo niet, dan ga ik heel recalcitrant met wat vrienden, een koelbox vol biertjes en de JBL-speaker op één of ander grasveldje illegaal dartelen, fuck dat. Ik moet er even uit.

Dus lieve lente, ondanks dat je me met de neus op de feiten drukt, dat zowel mijn tuin als ikzelf een fikse renovatie nodig hebben, ben je meer dan welkom. Zorg voor bloedverziekend hete dagen en kill the virus! Dank u. X

Een wonderlijke familie

Gisteren was weer een fantástisch dagje. Mijn reguliere familiebezoek aan Limburg om hier en daar de helpende hand uit te steken was weer een dag vol verwondering en wat minder verwonderlijk: engelengeduld. Héél veel engelengeduld. Laat dat nou nét mijn sterkste kant zijn..

Mama had, zoals gebruikelijk, weer een stapeltje ‘probleempost’ klaar liggen waar ze geen raad mee wist. Heel begrijpelijk als je 83 bent, maar “ik ben net binnen, doe toch maar eerst koffie mam”. Daarna is er tijd zat om me op administratieve taken te storten die gerust nog 3 weken kunnen wachten want over het algemeen zijn ze redelijk onbeduidend. Voor mij. Voor haar hangen ze als het zwaard van Damocles boven haar hoofd. Gewoon, omdat ze het niet meer helemaal begrijpt, haar Ipad niet werkt zoals ze wil of bang is dat een betaling dubbel of helemaal zelfs niet verwerkt wordt.  Afijn, even wat administratief gepield en de reclame-post bij het oud papier geflikkerd. Want ook dat bewaart ze. Vervolgens wilde ze graag iets bij Zalando bestellen. Mama en winkelen, een onlosmakelijke verbintenis waarbij mijn hulp en geduld zeer op prijs wordt gesteld. Geloof me, zo’n shopping challenge is een terging van mijn kalmte. Ze wil het graag zelf doen maar dat duurt úúúúúren. En ik ben helaas niet de meest geduldige dochter die je je kunt wensen. Maar ook dat hebben we weer, na de nodige ‘tot-10-tellingen’ gefikst. Ze heeft het winkelmandje vol gekieperd met bloesjes en nu maar hopen dat het allemaal past, want ik heb zo’n onrustig voorgevoel dat ik volgend weekend weer mag helpen met retourneren van alle shit. Ook daar heb je bij Zalando zo’n 3 maanden voor, maar jullie kennen mijn mama niet allemaal. Het is de liefste en net zo ongeduldig als ik. Dat dus.

En ik kwam nog iets wonderbaarlijks tegen op de wastafel in de badkamer. Kijk!

tandpasta

Hoe andoenlijk is het dat mijn 83-jarige lieverd haar tanden poetst met Sesamstraat-pasta voor 0-5 jarigen. Het was vast ergens in de aanbieding en ze zal het niet goed gezien hebben, maar het werkte wel op mijn lachspieren. En eerlijk is eerlijk, die aarbeiensmaak is best te doen voor een keertje.

‘s-Middags even op bezoek bij de zorginstelling waar mijn broer resideert. Hij lag zoals altijd in een pikdonkere niet al te fris ruikende kamer in zijn bed. Met zijn enorme magere lijf en hoofd onder de dekens weggestopt. Het gemiddelde bezoek op een, voor hem goede, dag gaat als volgt. Zodra je binnenkomt komt hij overeind en gaat in zijn onderbroek aan tafel zitten omdat we standaard een stuk vlaai voor hem meenemen. En dan begint het onderhandelen. Als je een t-shirtje aan doet krijg je vlaai, als je even een broek aandoet zet ik koffie.. en het enige wat hij roept is: “en dan mag ik weer gaan slapen he?” Ja lieverd, dan mag je weer gaan slapen. Zonnebril op en aan de koffie met vlaai dus. Die vlaai wordt binnen 30 seconden naar binnen geschrokt en we letten erop dat hij er niet in stikt, maar daarna wil hij het liefst weer zijn bed in. Zo’n bezoek duurt gemiddeld een kwartiertje, maar gisteren kwam er zomaar uit het niets een gesprek en dat is lang geleden dat we een, zij het heel kort, gesprek met hem konden voeren. Hij fluisterde dat hij biljonair was geworden maar niemand mocht het weten. En voor zover ik het goed begreep krijg ik volgende week eindelijk mijn omgebouwde retro VW-bus en mama een Mini Cooper en een nieuw huis. Wat een gulle lieverd is het toch. Ik wacht vol smart. Na 20 minuten bezoek werden we vriendelijk doch dwingend verzocht op te zouten want 20 minuten prikkels vragen een dag hersteltijd.

hotdog

Ook mijn zoon heeft wat bijwerkingen van de Corona-blues. Studenten gaan rare dingen doen als ze zolang thuis zitten. Elkaars enkels tatoeëren met een doe-het-zelf tattoo-kit bijvoorbeeld… Godzijdank zo klein dat je een vergrootglas nodig hebt, maar toch. Zaterdag kreeg ik een foto toegestuurd van mijn apegatje terwijl hij bezig was met de voorbereiding van een letter-party met zijn huis-/studiegenoten. Verzin een outfit en raad de beginletter. Je mag één keer raden..

Verder doet hij het gelukkig retegoed dus ik ben nog niet helemaal ongerust, maar als ik nog meer van dit soort excentrieke foto’s krijg ga ik ik hem weer naar huis halen. Er zitten al genoeg dwazen in de familie..

Vanmorgen hebben mama en ik nog wat dieren gered. De eekhoorns in mijn moeders tuin moesten gevoederd worden voordat ze elkaar zouden executeren en een uitgeputte reuzenhommel is van een wisse dood gered uit de schuur. Want ook dat doen mama en ik, dieren redden omdat we denken dat die dieren debiel zijn en dat zelf niet kunnen. Absurde redenatie. Tot zover de rapportage over weer een bezoek aan het zuiden.

Hoe dan ik ook. Ik hou zielsveel van mijn chaotische hartenlapjes. En ik koester het dat ik dit nog steeds voor mijn ‘bijzondere’ en bijzonder kleine familie kan doen. Geduld opbrengen is nog steeds een opgave maar ze zijn het dubbel en dwars waard, mijn lieffies.

Een dikke ‘adios’ 2020!

Tijd voor mijn eindejaarsblog en ik heb geen idee waar ik moet beginnen. Het wordt vast een wat langere dan normaal. En als ik deze over pak-em-beet 15 jaar terug ga lezen denk ik dat dit zomaar één van de meest bizarre eindejaarsblogs zou kunnen zijn. Het was ook een absurd jaar.

Hij ziet er zo schattig uit, de ‘bastard’

Corona deed zijn mondiale intrede. De wereldwijde lockdown volgde en onze aardkloot werd volledig op zijn kop heeft gezet. En daar staat hij nog steeds als je het mij vraagt, compleet ondersteboven. Wat een weerslag heeft dat, op het eerste oog schattige, minuscule bolletje met zijn kleine spikejes op onze samenleving. Ik zag de voordelen. Wat was de lucht helder, wat was Amsterdam mooi in zijn volledige stilte, wat was de altruïstische hulp die aangeboden werd bijzonder. Het besef van de verwoestende impact ervan kwam voor mij pas toen ik met mijn toenmalige liefje de opbouw van de triagetenten zag bij het VU ziekenhuis, in een verder roerloze en verlaten stad. Een surrealistisch en onuitwisbaar beeld. En waar in eerste instantie de angst overheerste voor dit klote-virus zag ik gaandeweg ook dat de verdeeldheid steeds groter werd. Er volgden zoveel anti-5G’ers die ook ineens álles wisten over virussen, die de ene complottheorie na de andere over me heen kotsten. Ik ben er helemaal klaar mee. Ik zeg, ga lekker op een 5G-vrij eiland zitten met je aluminium hoedje op je knar in je moestuin met vergeten groenten maar probeer me niet te overtuigen. Kansloze missie. Ik hou van mijn 5G-abonnement en flats dat vaccin maar in mijn lijf. Ik neem hem wel voor jullie want ik wil weer leven. Punt.

Mijn kind is nog steeds de liefste en mooiste vent die ik ken en ik denk ook niet dat dat ooit gaat veranderen. Ik mis hem in huis, maar wat is hij gelukkig in Amsterdam. Na al die jaren blijkt hij een vette 10 te scoren op ADD/ADHD. Waarom hebben wij nooit iets gezien? Misschien omdat hij zoveel op Rik en mij lijkt en wij zijn toch ook wel redelijk bedrijvig zo nu en dan. Verder zeg ik niks :). Maar wat fijn dat hij zelf tijdens zijn Psychologie-studie wél dat inzicht kreeg en wat gaat het goed met mijn vent. De studie gaat gesmeerd en ik kan niet in woorden omschrijven hoe fucking trots ik ben dat hij, ondanks de inspanning die hij heeft moeten leveren, gegroeid is naar een volwassen en nog steeds ontzettend prachtig mens. Damn wat hou ik van die gast.

Mijn lieve grote broer. Wat is hij door Covid de weg kwijt geraakt. Het gebrek aan structuur konden zijn hersenen niet aan, zijn enige veilige plek was het bed in de hoek van zijn kamer. Daar brengt hij nu al 5 maanden zijn tijd door, met zo min mogelijk prikkels want dat kan hij niet meer verwerken. Zelfs eten is een te grote opgave en dat wordt beperkt tot het minimale om in leven te blijven. Hartverscheurend om te zien wat corona kapot maakt. Zelfs nu er eigenlijk geen communicatie meer mogelijk is blijft hij mijn grote lieverd.

Precisiewerkje 🙂

Mijn kleine grote mama. Zo ontzettend trots op hoe ze dit jaar is doorgekomen. Haar gezondheid laat te wensen over maar jeetje wat blijft ze optimistisch. Ik weet dat de eenzaamheid haar af en toe behoorlijk parten speelt maar ze zeurt er niet over maar probeert zoveel als kan te genieten van de kleine dingen. Uren zit ze aan haar eettafel mini-steentjes op een plakkerige ondergrond te plakken, ze heeft er inmiddels al tientallen af en ze heeft geen idee wat ze ermee moet. Waarschijnlijk krijgt iedereen in 2021 een diamond painting voor de verjaardag. Jeeeey! Maar ik vind het zo knap hoe ze het grotendeels in haar uppie doet in deze tijd. Mijn power-wijffie van anderhalve meter hoog.

Liefdes, ook die waren er, wel twee! Damn ik heb mezelf overtroffen dit jaar. Bij mijn laatste liefde had ik écht het gevoel dat dit was waar we beiden naar verlangden. In sneltreinvaart hebben we elkaar leren kennen, zijn we samen het diepe ingesprongen. Maar het heeft geen stand gehouden. Hij was op zoek naar een doel in zijn leven en dat kon ik hem niet geven. De enige die dat kon doen was hij zelf. Hij zag niet wat ik wél gaf, en dat was mijn alles. Het was niet genoeg. Ik hoop dat hij het geluk in zichzelf gaat vinden. Ik heb het na de breuk terug gevonden in mezelf en ben een rijker mens geworden.

Mijn vrienden, lieve, lieve schatten, wat hou ik van jullie. Wat hebben we veel gelachen en soms ook gehuild samen. Het weekje Berlijn in de warmste maand van jaar was memorabel. 38 graden, in een goudkleurige Panda zonder airco, muziek hard, ramen open, het voelde als een stel hippies op weg naar nieuwe avonturen. Wat een mooie week was het. De fantastische avondjes waarop we even buiten de lijntjes mochten kleuren waren van een enorm hoogstaand niveau. De gesprekken ook… Wat een fijne momenten en wat zijn de vriendschappen hechter geworden. Heel bijzonder en zonder Corona was dit gegarandeerd anders geweest. Het weekje Frankrijk, het helpen opknappen van een oude verhuistruck, de prachtige avond met mooie mensen die ik niet kende, de geweldige gesprekken, ik koester ze in gedachten. Dat we ondanks corona toch zo’n heerlijke zomer met de nodige strandavonden hebben gehad, de etentjes samen met mijn goede vriend (die overigens nog steeds pretendeert in Muiderberg-Noord te wonen in plaats van in Almere..), de dansavonden, de avondjes in de tuin samen met mijn vrienden rond de vuurkorf en teveel wijn (niks nieuws overigens). Wat ben ik blij dat ik zoveel verschrikkelijk fijne mensen om me heen heb, zeker in dit lastige jaar.

Vrienden.. x

En vandaag, kreeg ik op de valreep van dit memorabele jaar nog even de boodschap dat één van mijn beste vrienden acute leukemie heeft. Het ziet er niet best uit. Ik heb veel mooie momenten gehad dit jaar, maar 2020 mag van mij ondanks alles, keihard het riool in.

Ik zeg, op naar een nieuw jaar, een jaar van hoop, veel liefde en een terugkeer naar een normale wereld waarin we elkaar weer gewoon een kus kunnen geven. De champagne gaat sowieso open en waarschijnlijk wel meer dan 1 flesje. Let the bubbles flow lieverds, hou hoop en moed.

Dikke (virtuele) kus van mij. X

Over liefde, kwetsbaarheid en verlangen

Tijd voor een serieus blogje. Iedereen die hoopt op een grappig blog, sla deze dan maar even over. Deze gaat namelijk over kwetsbaarheid, liefde en verlangen. Hoe lastig is het om je kwetsbaar op te stellen? Wat kan er gebeuren en wat doet dat met je? Dit was iets om eens goed over na te denken en door het op te schrijven krijg ik nieuwe inzichten. Vandaar dus mijn serieuze blog, zo werkt dat voor mij. Dus met dit blog ga ik me heel kwetsbaar opstellen. De uitdaging..

Sinds de scheiding bijna 6 jaar geleden ben ik er vaker tegenaan gelopen. In (meestal) relatief kortstondige relaties was het de makkelijke weg. Ik zag het als mijn overlevingsstrategie, de strategie die ervoor zorgde dat ik vooral niet teveel verdriet of pijn hoefde te voelen als het toch niet bleek te zijn waar ik naar verlangde. Pure onzin, want het verdriet om verbroken relaties was er niet minder om. Mezelf van mijn kwetsbare kant laten zien vraagt best veel lef en hoeveel wil ik delen met iemand die ik net hebt ontmoet? Genoeg lef voor allerlei onbelangrijke zaken, maar als het om echte grote-mensen-dingen ging had ik daar wel een leer-puntje.

Meestal kwam het niet tonen van die kwetsbaarheid van twee kanten. En waar het dan strandt? Dan is daar ineens een moment waarop er iets vervelends of pijnlijks gebeurt en de uitgelaten blijheid van een prille liefde overgaat in echt serieuze zaken. Proberen een betere versie van mezelf te zijn in een liefdesrelatie werkt niet, dat heb ik inmiddels wel geleerd. Onvolmaaktheden zijn er (bij beide partijen) en het is een heel proces om die bij de ander, maar vooral bij mezelf, te omarmen. Ik vind dat ik al een flink stuk van deze weg heb afgelegd, mede dankzij de nodige coaching sessies, maar er is ook nog meer dan genoeg te leren.

En dan komt er nog zoiets lastigs als communicatie om de hoek kijken. Wat gebeurt er als ik me kwetsbaar opstel, mij volledig durf te geven en vervolgens afgewezen zou worden? Dat is wel even een dingetje waar een flink stuk zelfreflectie aan te pas komt. Ik kan roepen dat het me niets doet, maar eerlijk is eerlijk, echt prettig zou ik een afwijzing niet vinden. Dan komt er toch een stukje onzekerheid om de hoek kijken. Maar daarentegen vind ik het fantastisch en ontzettend stoer als de ander ook zo kwetsbaar en open durft te zijn om uit te spreken waar de pijnpunten of verlangens liggen. Dat geeft liefde een onvoorwaardelijk karakter. “Ik ben graag bij je maar…” Het schept een verbintenis zonder ‘dubbele agenda’. Ik denk dat deze manier van communiceren niet de makkelijkste weg is want het vraagt enorm veel openheid en vertrouwen, maar het is een mooie ontdekkingsreis.

En dan kom ik bij mijn verlangen, want wat wil ik, wat vind ik belangrijk en waar kan ik in groeien?

Het aanvaarden van elkaars onvolmaaktheden en samen groeien in een verbinding. Het lef hebben om beide de volledigheid durven te laten zien en de imperfecties in elkaar omarmen waardoor een opening ontstaat naar wederzijds kwetsbaar kunnen en mogen zijn. Compassie hebben met en naar elkaar. Het weten dat ik ertoe doe voor een ander, dat je er als partners voor elkaar bent en bereikbaar bent als er een beroep op elkaar wordt gedaan. Tijd en aandacht hebben voor elkaar en toch die geborgenheid voelen, ook als je niet bij elkaar bent.

Een fikse reis naar verbinding die je samen doorloopt, veel verlangens, maar ik vertrouw erop dat het haalbaar moet zijn. Kwetsbaarheid is geen blijk van zwakte, het is een blijk van kracht en lef. Mooie reminder voor mezelf..

Stylish verantwoord in de teststraat

Zit lekker joh, zo’n spartaanse schoolstoel maar het is zo lekker vintage he?

En daar zit ik dan weer, aan mijn eettafel met de laptop voor mijn neus op mijn o zo leuke maar kneiterharde vintage schoolstoelen. Een volgende poging om de volgende semi-lockdown te overbruggen met koffie, zoom-calls en Spotify. Wat een bruisende wereld waar we in leven sinds maart.. Het enge eraan is, het begint te wennen. Alleen zijn en weinig contact met de buitenwereld, het wordt zonder dat we het willen echt bijna normaal. Ja, zorgen zijn er. Wat doet deze afstomping met mijn kind, die zich zo verheugd had op het bruisende studentenleven maar vooral veel tijd doorbrengt op zijn studentenkamer? Wat doet dit met mijn 83-jarige moeder die alleen 200 km verderop in haar grote huis probeert de tijd te doden? Wat doet dit met mijn zwaar gehandicapte broer die de weg is kwijtgeraakt na de eerste lockdown en inmiddels zijn dagen zwaar depressief in een bed doorbrengt? Wat doet het met de lieverds om me heen die vaak alleen in een stil huis de dagen doorbrengen en eigenlijk best wel behoefte hebben aan een beetje aandacht, gezelschap en aanrakingen?

Maar ik maak er het beste van. Ik probeer, zoals de baas voorschrijft, regelmatig even buiten te wandelen, verantwoord te eten en betrap mezelf erop dat het inmiddels een gewoonte is geworden om mijn mondkapje in mijn zak te stoppen. Of het helpt doet er niet toe, ik voel geen behoefte om recalcitrant te doen of anderen een onveilig gevoel te geven. En tenslotte is het maar een kleine aanpassing in dit grote geheel.

Maar ondanks alle maatregelen was het daar verleden week ineens: een snotneus, hoesten, niet fit en aangezien ik naar mijn broer in de verpleeginstelling zou gaan had ik besloten het zekere voor het onzekere te nemen. Ik heb braaf de richtlijnen gevolgd en heb een Coronoatest laten afnemen. Dat leek me sowieso al een prettiger idee dan mijn kont 10 dagen op de keiharde schoolstoel te moeten installeren.

Ik dacht dat ik naar zo’n drive through teststraat ging, dus de aftandse hardloopbroek met bijpassende Uggs kon prima, vond ik. Niemand die zou zien dat de bovenkant nog wel acceptabel was (voor de nodige Zoom-calls hè?) maar de onderkant meer weg had van een sloeber. Met mijn witte bontkrulletjes jas erover zag ik eruit als de doorsnee thuiswerker denk ik, maar dat zie je godzijdank niet in de auto. En natuurlijk had ik het helemaal verkeerd ingeschat..

Bij de testlocatie bleek dat ik mijn auto moest parkeren en lopend het hele fucking parcours moest afleggen. Het had geregend, ik stapte met mijn Uggs in een enorme modderpoel, dus het plaatje van snotterende dakloze was alleszins afgerond. Halleluja! Daar stond ik buiten in de regen in een rij met hoestende wachtenden te proberen vooral niet de aandacht te vestigen op mijn gracieuze onderkant. Dat is mislukt.

De test zelf stelde geen ene moer voor, dus de horrorverhalen omtrent het testen kunnen wat mij betreft onder tafel geveegd worden. Ik vond het meisje die geneeskunde studeerde en de test afnam een schatje. Ze taxeerde niet eens misprijzend mijn smashing outfit en verontschuldigde zich bij voorbaat al voor wat ze met de dreigend uitziende wattenstaafjes van plan was. Ze stak even een roerstokje in mijn giechel en nog eentje in mijn neus en voor ik het wist stond ik weer buiten met in mijn handen de Grote Coronahandleiding. Oké, het stokje in de neus raakte nog nét niet de frontaalkwab, maar dat was dan ook het enigste. Peanuts.

Thuis ben ik nog wel een tijdje bezig geweest met het schrobben en ontsmetten van de Uggs en de auto. Ik heb mezelf voorgenomen dat ik volgende keer, mocht het nodig zijn, mijn rubberlaarzen aantrek met gezellige hippierok. In Amsterdam kan tenslotte alles.

Ze zijn weer schoon!

De test was negatief trouwens dus julie kunnen gewoon bij mij langskomen voor een anderhalve meter wijntje. Hou hoop lieverds en proberen jullie er ook het beste van te maken? De zon gaat uiteindelijk vanzelf weer schijnen.

Loslaten

Nou, dat hebben we gefikst hoor. Al 2 weken is hij onder het dictatoriale juk van zijn ouders uit. Mijn apegatje, die 20 jaar zomaar heeft laten voorbij vliegen alsof het er 5 waren. De snotneus. Eindelijk weg uit Verveelnis (zo’n pittoresk dorpje ergens tussen Utrecht en Amsterdam) waar hij, ondanks alles, ontzettend heeft genoten van zijn jeugd en pubertijd. Maar de verleiding van de grote stad lonkt en ik snap dat als geen ander.

Eerlijk gezegd, het is best een beetje onwennig, zo’n kind dat niet zomaar binnen komt kuieren. O, wat heb ik het gestimuleerd om op eigen benen te gaan staan, zelfstandig te worden en vooral heel veel te genieten van het studentenleven in Amsterdam. Ik kijk soms met weemoed terug naar mijn eigen tijd in Amsterdam, de bedrijvigheid van een grote stad is in dit dorp fucking ver te zoeken. Ik begrijp dus donders goed dat je die kans met twee handen aan moet grijpen, zeker als je jong bent. En hoe fijn is het als je die kans aangereikt krijgt door betaalbare woonruimte te vinden samen met een stel goede vrienden.

De eerste dag van zijn ‘vrijheid’ heb ik mijn moeder- en zorgrol godzijdank nog een beetje weten te rekken door te helpen met schoonmaken, latex van de badkamervloer te pulken en Ikea-gordijnen op te hangen. En ik heb nog één keer, uit nostalgisch oogpunt, zijn bed mogen opmaken. Hallelujah! Maar nadat ik écht, écht het allerlaatste miniscule latex-druppeltje van de badkamervloer had gepeuterd moest ik mijn apegatje uiteindelijk toch achterlaten. Ik heb me de flat uit gesleept met mijn stofzuiger en wonderdoekjes om ze een beetje hun gang te laten gaan en in de auto kwam het, totaal onverwachts. Tranen met tuiten. Loslaten heet dat, maar op dat moment vroeg ik me toch even af waarom hij niet gewoon lekker tot minimaal zijn 36e gezellig bij zijn moeder wil wonen.

En nu? Zijn kamer is behoorlijk leeg hier, maar mijn bloedje stuurt me gelukkig met enige regelmaat een whatsappje met vragen waarin hij toch nog even advies van zijn moeder heeft. Yes!

Er worden foto’s doorgestuurd van ‘lunches’ (ik zag alleen maar limoncello, maar dat terzijde) met vrienden en vriendinnen op een zonnig terras. Op mijn telefoon prijken inmiddels foto’s van het eerste wasje dat hij gedraaid heeft (met bijbehorende spierbal-emoji ..), van de veel te dure plant in hun woonkamer en het beeldige nieuwe wasrekje (héél belangrijk). De foto van de aparte bierkoelkast heb ik nog niet mogen ontvangen en ik heb zo’n vermoeden dat die ook niet gaat komen. Zomaar een onderbuikgevoel. Maar het maakt me blij en trots om te zien hoe goed ze het daar voor elkaar hebben.

Op mijn grote vraag hoe het met de studie gaat heb ik nog geen respons gekregen, bij gebrek aan tijd ofzo. Maar ik krijg wel updates door van het baantje dat hij inmiddels heeft geregeld om zijn huur te bekostigen en hoe ‘fucking’ blij hij is met het appje op de telefoon wanneer hij de planten moet bewateren. Prioriteiten mensen, prioriteiten.

Maar ik ben blij als mijn kind blij is en niets maar dan ook niets wijst erop dat het een verkeerde beslissing is geweest. Mijn kind is happy en ik geniet ervan. Nu alleen nog even dat ‘loslaten’. Ik kan het.